Door: Gertjan Altena met aanvullingen van Angela Theunissen. Zo'n 100 aanwezigen. Wie allemaal iets ging zeggen kreeg ik zo snel niet mee maar m.b.v. de flyer moet ik een eindje kunnen komen. Voor ons was het toch wel een interessant en leerzaam debat. Het gaf een goed beeld van het veld en de stand van zaken. Ook kwamen de belangrijkste kwesties goed voor het voetlicht zoals; Wat is de stand van zaken in de regio? Wat is het nut van broedplaatsen? Wat voor rol moet de overheid spelen? Wordt die overheid toch niet weer te bemoeizuchtig? Hoe zat het ook al weer met oorspronkelijke idee van vrijplaatsen en dwalen we daar niet te ver van af?
Eerst vertellen vier vertegenwoordigers van broedplaatsen iets over hun broedplaats: KW37 Dat zal Koningsweg 37 betekenen. Even terzijde; daar heb ik ooit met JanFrank in een grappige zelfgemaakte sauna gezeten. Het is een groep oude legerbarakken waar het een gezellig rommeltje is. Het ligt op de Veluwe ten zuid oosten van vliegveld Deelen.(G.J.). Dijanne van Engelen vertelt: 9 Mensen wonen- en 14 werken er hier. De kunstenaars hier maken; kostuums, choreografie, theater en muziek. Er zijn veel lijntjes naar buiten en er is veel onderlinge interactie. Het is niet door de overheid geinstigeerd. Van begin af aan waren ze zelfstandig want het was gekraakt. Ze hebben het hoofd zonder subsidies altijd boven water gehouden. Nu vindt er door discussies een bewustwordingsproces plaats. Zij verwijst nadrukkelijk naar het boek: “Laat 1000 vrijplaatsen bloeien†als voorbeeld. Kazerne Saxen Weimar Deze oude kazerne is door de gemeente Arnhem verhuurd aan kunstclubjes en personen. Petra Ligtenberg vertelt: Het bestaat nu twee jaar. Er zijn 11 woningen en 110 ateliers. Er is een beheerder per paviljoen. Stichting SLAK is verhuurder van de panden. Petra Ligtenberg werkt voor de Cultuurherberg, deze organisatie wil kunst en cultuur voor iedereen toegankelijk maken. Ze willen mensen er ook mee in aanraking brengen. Zo zijn er workshops en dinertjes voor scholieren, studenten en bedrijven. Zondag 22-5 is er open dag met een uitgebreid programma. Zij zien zichzelf als een kunstenaarsinitiatief. SLAK Het SLAK is niet zozeer een broedplaats, dan wel een organisatie die het ontstaan van broedplaatsen mogelijk maakt, door verhuur van grotere complexen aan kunstenaars. Het SLAK is een ateliervoorziening die in Arnhem en omstreken opereert en goedkoop verhuurt. (Ook een soort anti kraak G.J.) Arno de Blank (?) vertelt: Het zijn vaak tijdelijke panden. Momenteel hebben ze 600 panden in de regio en staan er 450 mensen op de wachtlijst. Zij willen kunstenaars kansen geven. En voorwaarden creëren voor meerwaarde. Intern willen ze dat door kruisbestuiving en het uit je hokje komen. Extern willen ze dingen doen voor de stad zoals; open dagen en niet kunst gerelateerde clubjes uit de wijk erbij betrekken. Zij willen ook samenwerking met andere clubs en kunst reintegreren in de maatschappij. Zij willen ook niet teveel geld uitgeven. Het zoeken van de plek is het belangrijkste. Hoe scouten zij plekken? Door middel van netwerken en doordat zij alle kanten uit vertrouwen hebben. Zij gaan alleen over beheer en niet over inhoud. Nijmeegse ateliers zijn in beheer van Stichting DAK. DAK is kleiner dan het SLAK en heeft minder panden in beheer. Het DAK heeft ook een grote wachtlijst VASIM Onze goede bekende Hans Glaudemans vertelt: De VASIM bestaat uit opslagruimtes, werkplaatsen, ateliers en vrije ruimte voor activiteiten. (Ik hoor niks over aantallen of omvang G.J.). De VASIM doet dit samen met de stichting DAK= lokale SLAK. De Markies ondersteunt culturele activiteiten en doet zelf vooral tentenverhuur. Het idee van Hans wat een broedplaats zou moeten zijn is een vrijstaat. De criteria om bij de Vasim aan te mogen sluiten zijn gevoelsmatig. Voorwaarde is wel dat mensen het met kunst en cultuur beroepsmatig gaan proberen. De wachtlijst is overigens vol. Wat Koers West (stadsontwikkelingsplan voor Nijmegen west) betreft is de bestemming van de VASIM nog onduidelijk. Kan het low budget blijven of wordt het Lux-achtig? De situatie is nu: - met de mond veel steun van gemeente/politici.
- als het erop aan komt zijn ze terughoudend.
- de termijn is nog onzeker; iets van drie jaar.
- er wordt gehuurd van Vastgoed Nijmegen en wel voor een fors bedrag.
Onderzoek provincies Overijssel en Gelderland Een zekere Freek van Duijn vertelt over zijn onderzoek voor de beide provincies. Dit is oersaai en bestaat uit een hele serie open deuren en moeizame definities. Zoals het een overheidsonderzoek betaamt.    Maar deze figuur mag wel een officieel advies geven. Voorlopig denkt hij dat de overheid zich alleen moet bemoeien met een limiet aan de periode; het begin en het einde. En de overheid moet zich met de huurprijzen bemoeien. Maar er moet nog meer worden nagedacht over de rol van de overheid. Freek van Duijn wil het begrip broedplaats herdefiniëren. Initiatieven zoals Saxen Weimar, KW37, Vasim en Zeepunie noemt hij geen broedplaats, maar een kunstverzamelgebouw. Om het begrip broedplaats te omschrijven introduceert hij een totaal nieuwe inhoud van het begrip: een broedplaats is een werkplek voor akademieverlaters. Hij heeft de stelling dat de broedplaats voor de beeldende kunst, datgene moet zijn wat in de theaterwereld het productiehuis is: een plek waar afgestudeerden kunnen experimenteren met hun vak en zich in de praktijk verder kunnen bekwamen. Een broedplaats zou doorstroming moeten hebben, mensen kunnen maximaal voor een periode van drie jaar in zo’n broedplaats blijven, daarna moeten ze verder, het vrije veld in. Vanuit de zaal wordt hierop ingegaan. Er blijkt geen behoefte te zijn bij net afgestudeerde kunstenaars om in een door de overheid gecreëerde broedplaats te gaan zitten, met allemaal andere net afgestudeerde medestudenten. Jonge kunstenaars zoeken eerder aansluiting bij (oudere) collega’s waar ze inhoudelijk of vakmatig affiniteit mee hebben of bij kleine bedrijfjes die toeleverende diensten kunnen verrichten. Daarnaast zijn er ook altijd kunstenaars die helemaal geen samenwerking met collega’s zoeken, maar individueel willen werken en hun eigen weg uitstippelen De algemene tendens van uit de zaal is eigenlijk dat men het nut niet inziet van het kunstmatig creëren van broedplaatsen. Ook heerst er de angst dat een dergelijk beleid ten koste zal gaan van de huidige broedplaatsen|vrijplaatsen|kunstverzamelgebouwen (hoe je ze ook noemt). Dat zijn de plekken waar het gebeurt, daarin moet de overheid investeren. Er staan tenslotte forse bezuinigingen aan te komen, nieuwe initiatieven mogen niet ten koste gaan van wat er tot nog toe aan broedplaatsen is opgebouwd. We moeten lering trekken uit de Amsterdamse situatie. De Amsterdamse situatie kwam al eerder ter sprake. In Amsterdam waren veel broedplaatsen, voortgekomen uit kraakpanden, e.d. Veel van die panden zijn door de gemeente(?) en door projectontwikkelaars opgekocht en/of gerenoveerd waardoor de huren onbetaalbaar werden. Gevolg: Amsterdamse kunstenaars trokken de stad uit, en gingen zich in Rotterdam of elders vestigen. Door de leegloop ging Amsterdam zich eigenlijk pas realiseren wat de kunstenaarsbroedplaatsen voor betekenis hadden in de stad, niet alleen cultureel, maar ook economisch. Nu probeert Amsterdam opnieuw kunstenaars binnen haar poorten te lokken. Voor heel veel geld proberen ze wat ze kwijt zijn geraakt terug te kopen, schaars ontstaan er nu aan de rand van de stad wat initiatieven, maar de rijke culturele bloei, die de gemeente zelf de nek heeft omgedraaid, is bij lange na niet terug. De overheid wil dat voorkomen. Het algemene devies wat steeds terugkeert is: de overheid moet faciliteren, voorzien in betaalbare gebouwen, en zich verder nergens mee bemoeien. Het debat - Er nemen nog wat andere mensen achter de tafel plaats. Een echt debat wil het niet worden maar er zijn wel wat leuke kleine discussietjes en opmerkingen, zeker ook vanuit de zaal. Vanwege de snelheid waarmee dat ging noteer ik alleen nog een aantal opmerkingen zonder vermelding van de spreker.
- De overheid wil er een gekunstelde laag overheen leggen.
- De overheid probeert te reguleren en er grip op te krijgen (Dit is een frase om te onthouden G.J.)
- De politiek heeft het begrip geannexeerd.
- Natuurlijke groei is het beste.
- Er is weinig doorstroming. Jonge kunstenaars krijgen zo moeilijk een plek.
- De creativiteit van de stad vindt vooral in de rafelranden plaats. Projectontwikkelaars zijn de grote bedreiging daarvan.
- Er is nog discussie over of de overheid kunstenaars tot hun pensioen moet ondersteunen of dat het na vijf jaar afgelopen moet zijn met de ondersteuning.
- Zelf plaats ik nog de opmerking dat het in dit debat alleen over kunstenaars gaat maar dat het broedplaats idee een afgeleide is van vrijplaatsen. Daarbij noem ik een aantal andere activiteiten en werkzaamheden die in vrijplaatsen plaats vonden volgens het boekje "Laat duizend vrijplaatsen bloeien". Daarbij kon ik ook even met dat boekje zwaaien. Dat waren bijvoorbeeld: houtwerkplaatsen, diverse ambachtelijke werkplaatsen, media, horeca, cinema, detailhandel, kindercreches, diverse publieke ruimtes, maatschappelijke en politieke actiegroepen, belangenorganisaties en drukkerijen.
- Wat is de betekenis van broedplaatsen voor kunstenaars en de stad? Broedplaatsen zorgen voor een vernieuwend klimaat.
- De wethouder van cultuur van Arnhem, Rob Gast, ziet de rol van de overheid als faciliteren en mensen op weg helpen.
- Diezelfde wethouder is ook jaloers op Nijmegen vanwege de Lux en het intellectuele debat in Nijmegen. En hij wil graag even in mijn boekje kijken.
- Er wordt benoemd dat de gemeente Nijmegen het beleidsbesluit heeft genomen zich te willen afficheren als filmstad en popstad. Je kan je dan sowieso al afvragen welk belang de gemeente aan haar kunstenaars hecht. In die zin is de Nijmeegse kunstwereld wel jaloers op Arnhem, waar veel meer aandacht is voor kunst. Dat is ook logisch, vindt Gast, wij hebben de akademie, daardoor hebben we vanzelf al meer aansluiting met de kunst. Waarop een Arnhemse kunstenaar weer repliceert: die levendige kunstwereld in Arnhem, valt mij best tegen, ik kijk soms juist met een scheef oog naar Nijmegen, waar zoiets mogelijk is als de Paraplufabriek.
- De voorzitter besluit met een korte beschrijving van de situatie in Nijmegen: De Zeepunie wordt gesloten, de VASIM is onzeker en bij het DAK is weinig doorstroming. Kortom in Nijmegen zijn veel pretenties maar het resultaat is maar lala.
Nawoord van G.J. Sinds overheden in navolging van de gemeente Amsterdam ontdekt hebben dat vrijplaatsen geen poelen des verderfs zijn maar integendeel erg belangrijk zijn voor het culturele klimaat, het aanzien, de algehele sfeer en toekomstige werkgelegenheid van een stad, wordt er heel anders tegen vrijplaatsen aangekeken. Dat is erg positief maar als je niet uitkijkt wordt je doodgeknuffeld en veranderen vrijplaatsen voordat je het in de gaten hebt in overheidsbroedplaatsen voor bepaalde categorien kunstenaars met prestatiecontracten, tussentijdse rapportages en een woud aan regeltjes. Wat is het nut voor ons Odeon en Pangea? Vrijplaatsen zijn een van de weinige plekken in de maatschappij waar niet alles volgens een vast stramien verloopt. Het is belangrijk om te laten zien dat mensen ook anders en leuker kunnen leven. Alleen al vanwege dat perspectief dienen vrijplaatsen gekoesterd te worden. Het interessante vernieuwende klimaat en de vaak goede sfeer tellen natuurlijk ook mee. Onze technologiepoot zou denk ik ook graag technische starters werkplaatsen willen zien en er zelf ook eentje hebben. Een soort TCCN (Technisch Creatief Centrum Nijmegen) voor gevorderden maar ook met het oog op werkgelegenheid scheppen gericht. Zulke vrije technische werkplaatsen zouden nog wel eens verbazingwekkend veel resultaten kunnen produceren. Mijn advies aan de overheid is: Beschouw vrijplaatsen als een maatschappelijk wenselijk fenomeen. En speel gewoon in op situaties zoals ze zich voordoen zonder ballast van ambtelijke rapporten en regels. En lees het boekje: Laat 1000 vrijplaatsen bloeien.    Deze discussie sluit ook mooi aan bij het idee van de “creatieve economie†uit het artikel van wethouder Lenie Scholten en raadslid Jan van der Meer (zie de website van GroenLinks Nijmegen). Daarbij dient volgens de moderne theorie van professor Richard Florida, de traditionele nadruk van de overheid om investeerders te trekken van het investeren in bedrijventerreinen, bereikbaarheid en gunstige regelingen voor het bedrijfsleven, te verschuiven naar investeringen in mensen en een mensvriendelijke omgeving. Zoals investeringen in onderwijs, technologische innovatie, een aantrekkelijke woonomgeving en een swingend cultureel klimaat. Daar komen mensen; vooral hoger opgeleiden en leden van de creatieve klasse, op af en dan volgen de bedrijven vanzelf. Met uiteindelijk een hogere economische groei, meer werkgelegenheid en een structureel gezondere economie. Broedplaatsen kunnen daarin ook een belangrijke rol spelen. Ook vanuit een andere hoek kwam een ondersteunend geluid. Een half jaartje geleden ben ik naar een lezing in de Balie in Amsterdam van de beroemde professor in de geografie, David Harvey geweest. Hij stelde dat het kapitaal behoefte heeft aan vrije ruimte voor vernieuwing. Kapitaal wil helemaal niet graag concurreren maar zoekt juist liefst zeer winstgevende posities op. En die heb je vooral met monopolies, unieke en nieuwe producten en nieuwe soorten bedrijven. Zonder vrije ruimte komt die vernieuwing er niet. En raak je na verloop van tijd achterop. Het was een volstrekt theoretisch verhaal maar exact van toepassing op vrijplaatsen. Citaat Tot slot een citaat uit het boekje: Laat 1000 vrijplaatsen bloeien. Hetzelfde citaat staat ook in de brochure: De Grote Broek. Heden, verleden en toekomst van een Nijmeegse Vrijplaats. Vrijplaatsen zijn geen tijdelijke plekken voor beginnende culturele ondernemers op weg naar succes. Het is dan ook hoognodig het debat terug te brengen naar de vrijplaatsen zelf. Vrijplaatsen bieden ruimte aan mensen die hun meest directe omgeving naar eigen inzicht willen inrichten met de middelen die hen ter beschikking staan. Van belang achten zij, dat het voor kleinschalige startende, experimentele en marginale initiatieven mogelijk is zich te ontwikkelen, en dat mensen hiervan kennis kunnen nemen en hieraan bijdragen. Van belang is bovendien dat mensen zich er vrij kunnen voelen, verrast kunnen worden en het gevoel hebben dat ze in een stad wonen die allerlei onverwachte mogelijkheden biedt. Als laatste zijn vrijplaatsen ook een uitdrukking van maatschappelijk verzet en bieden ruimte aan de ontwikkeling van alternatieven. Dat is wat vrijplaatsen boden en te bieden hebben. Met andere woorden: plaatsen waar nu juist niet de vrije markt een hoofdrol speelt. Ruigoord Wie vrijplaatsen eens een keer echt goed wil ervaren zou eens naar Nederlands beroemdste vrijplaats: de culturele vrijhaven Ruigoord moeten gaan. Het beste moment daarvoor is met het vermaarde “Landjuweel Festivalâ€. (Dat in 2007 plaatsvindt van donderdag 26 juli t/m zondag 29 juli. G.J.) Zie ook de website van Ruigoord: http://landjuweelfestival.nl/
|